Mondharmonica


De mondharmonica is een blaasinstrument dat qua toonvorming sterk verwant is aan trekzak. Het werd door Christian Friedrich Buschmann in 1821 ontworpen. In plaats van met een balg wordt lucht met de mond door de openingen geblazen of gezogen. De luchtstroom brengt een doorslaande tong in trilling die een toon ten gehore brengt. De mondharmonica is doorgaans wisseltonig; blazen en zuigen levert een verschillende toon. De eenvoudigste mondharmonica's zijn diatonisch: er kan alleen muziek in 1 bepaalde toonsoort op gespeeld worden. Mondorgels zie je in westerse en oosterse landen. Westerse mondorgels ongeveer twee eeuwen maar oosterse mondorgels bestaan al een paar duizend jaar. Mondorgels met een klavier zie je uitsluitend in het westen. Het oosterse mondorgel heeft veel overeenkomsten met een orgel afgezien van het ontbreken van een klavier. Hij bestaat uit een aantal pijpen met in elke pijp een tong en een gat dat door een vinger bedekt kan worden. Als de speler het gat bedekt wordt de lucht gedwongen langs de tong te gaan. De tong gaat trillen en er ontstaat geluid.