Trombone


trombone

De trombone, ook wel bazuin ( schuiftrompet ), is een blaasinstrument en wordt tot het scherpe koper gerekend. Een trombone bestaat uit een lange en smalle, conische metalen buis, waaraan een u-vormige , uitschuifbare buis zit. Op die manier kan de bespeler de effectieve buislengte verkorten of verlengen, waarmee ook de toonhoogte verandert. Het geluid ontstaat ter plaatse van het mondstuk. Hier wordt de lucht door liptrillingen in trilling gebracht en ontstaat een staande golf in de buis. Omdat in een gegeven buislengte meerdere gehele staande golven passen, is het mogelijk bij gelijkblijvende buislengte meerdere tonen te produceren (overblazen), de zogeheten boventonen: 1 golf met lengte X (de grondtoon), 2 golven met lengte 1/2 X (eerste boventoon), 3 golven met lengte 1/3 X (tweede boventoon) enz. In de verst uitgeschoven positie is de buislengte bijna anderhalf keer zo lang als in de meest ingeschoven stand. De geproduceerde grondtoon is daarmee een verminderde kwint lager. Eenmaal overblazen - door vergroten van de lipspanning, embouchure genoemd veroorzaakt een toon die een oktaaf hoger is en dus de halve golflengte heeft. Nogmaals overblazen geeft 1/3 van de golflengte en een duodecime (oktaaf plus kwint) hoger. Vanuit de verst uitgeschoven stand met de schuif is de toon een verminderde kwint verlaagd, met overblazen kan een octaaf van deze toon verkregen worden; er ontbreekt echter de reine kwart in het onderste octaaf. Met een z.g. kwartventiel kan dat 'gat' worden gedicht. Een kwartventiel schakelt een extra verlenging in waardoor de effectieve buislengte uiteindelijk bijna verdubbeld kan worden (de schuif meegerekend) en het interval een grote septiem omvat. Door de schuif in te trekken ontstaat een staande golf met een kortere golflengte en wordt de toon hoger. Van alle mogelijke schuifposities worden er doorgaans 7 gebruikt die overeen komen met 7 opeenvolgende halve tonen. Alle tussenliggende posities worden vooral gebruikt voor glissandi. De klank van de trombone is wat plechtig. De familie van trombones bestaat uit de volgende varianten: sopraantrombone (zeer zeldzaam), alttrombone (zeldzaam), tenortrombone, tenorbastrombone (tenortrombone met kwartventiel), bastrombone (met sekunde- en kwintventiel), contrabastrombone (zeer zeldzaam).